Survivalgids: hoe overleef ik de bijstand?

Survivalgids: hoe overleef ik de bijstand?

december 18, 2017 Blogs 0

Foto: all-free-download.com

­Je kent dat gevoel wel; je komt net van school, hebt je papiertje op zak en denkt: kom maar op wereld! Na jaren van klimmen, vallen en weer opstaan sta je eindelijk in de toppen van de bomen. Vol goede moed geef je je eerste slinger aan het volwassen leven. Het gaat lekker, je vliegt van liaan naar liaan op zoek naar dat mooie plekje om even uit te blazen en dan gebeurt het onvoorstelbare.. Je grijpt mis, en met duizelingwekkende vaart val je naar beneden; het duistere oerwoud in. Veel tijd om bij te komen heb je niet, want hier is het eten of gegeten worden. Dus begin je weer aan je klim naar boven. Niet geheel de springplank die je had verwacht, maar er zit niets anders op. De tocht verloopt moeizaam.. Je klimvaardigheden zijn uitstekend, maar zonder hulpbronnen kom je helaas niet ver. Dus je besluit om hulp te vragen bij de instanties.

Index

Let op, deze reis is niet zonder gevaren. Het lezen van deze gids evenmin.. Plaatsvervangende schaamte en gevoel van machteloosheid liggen op de loer. Wees je dus bewust van de risico’s voordat je aan dit avontuur begint.

Je zal meerdere wezens tegenkomen die van belang zijn voor je reis. Allereerst zijn er de Toekans: Toekans zijn echte procedurevogels. Zij zijn diegene die aan de knoppen zitten en uiteindelijk gaan over de toekenning om je proviand aan te vullen. Bij het minste of geringste wat hen niet zint krijg je een gele snavel op je dak (toek-toek). Dan zijn er nog de behulpzame types, zij die ook echt hun best doen om contact met je te zoeken. Ze zijn communicatief sterk en betrokken bij jou als persoon. Deze figuren noem ik hier even de Bonobobureaucraten.

Nu volgt er een stappenplan. Na het lezen van deze persoonlijke verhalen en getuigenissen van medeavonturiers ben je straks helemaal in staat je eigen beslissing te maken en te overleven in deze jungle.

Stap 1: de aanvraag

Het proces begint met het invullen van een aanvraagformulier. Hierop staan vragen als waar je bent geboren, met wie je in een huis woont, wie je laatste werkgever was, etc. Ik trek mijn maatschappelijk jasje uit en stap de digitale aanvraagcabine in.

Stap 2: de intake

Kort na het versturen van deze vragenlijst krijg ik een verzoek binnen voor een intake, om na het afleggen van een korte test in persoon te bepalen of ik in aanmerking kom voor ondersteuning, en hoe dat proces er uit gaat zien. Bij binnenkomst worden we vriendelijk ontvangen door een goedgeluimde Gastheerbonobo. Omdat ik iets laat ben knoop ik een praatje met hem aan. Hij zegt dat het niet erg is en dat ik gelijk met de test kan beginnen. Ook laat hij vallen dat het voor mij wel een eitje zal zijn, gezien mijn beheersing van de Nederlandse taal en mijn opleidingsniveau. Zijn primaire doel is mensen op hun gemak stellen, een sfeer die duidelijk merkbaar is gedurende deze intakeochtend. Nadat ik in een afsluitend gesprek mijn verhaal heb gedaan bij een stel zeer aardige Werkpleinbonobo’s vervolg ik redelijk positief mijn weg terug het oerwoud in.

Stap 3: aanvullende informatie

Een tijd later krijg ik bericht van de Toekans. Vanwege mijn situatie hebben zij aanvullende gegevens nodig om de aanvraag in behandeling te nemen. Dus schrijf ik een mooie begeleidende brief waarin ik alles uitleg, dit wederom op advies van de Werkpleinbonobo’s die mij wezen op een aantal mogelijke hindernissen.

Na het insturen van deze brief krijg bericht van een Werkzoektoekan, die mij vertelt dat een deel van mijn aanvraag, de zogeheten zoekopdracht, is goedgekeurd.

Helaas was dit niet genoeg om een goedkeuring voor mijn gehele aanvraag te krijgen. De Toekans hebben meer informatie nodig dan alleen toezeggingen op papier (toek-toek). Ik krijg een brief toegestuurd die voor meer dan de helft bestaat uit aanvullende vragen die ik schriftelijk dien te beantwoorden, al dan niet aangevuld met bewijsstukken. Zo willen ze graag weten hoeveel geld er op mijn rekeningen staat (privé & zakelijk), een bewijs van mijn huurcontract van de afgelopen drie maanden, de relatie die ik heb met mijn huisgenoten, een volledige winst-verliesbalans van mijn onderneming (jaja, zzp’er), hoe ik aan mijn klanten kom, en hoe ik betaald krijg voor mijn diensten. Eerdergenoemde aanvraagcabine valt in het niet bij deze poedelnaakte röntgenfoto van mij in adamskostuum.

Tegen de tijd dat ik het merendeel van deze papieren verzameld heb (echt, het halve regenwoud van de amazone is hier aan opgegaan) blijkt dat ik de deadline voor het versturen van de stukken niet ga halen. Dus vraag ik om uitstel. De Servicedeskbonobo aan de telefoon is erg behulpzaam: om er zeker van te zijn dat alle stukken goed binnenkomen kiezen we voor een nieuwe termijn van tien werkdagen. Dat is twee weken in gewone mensentaal.

Een dag later krijg ik een telefoontje van de persoon die over mijn uitkering gaat, de Oppertoekan. Aan haar gefladder kan ik horen dat ze niet blij is met deze beslissing. Ik leg haar opnieuw voor dat ik bang ben dat ik de documenten van de bank niet op tijd binnenkrijg. ‘Nee’, zegt ze, ‘twee weken is te veel, ik denk dat u aan een week genoeg heeft. U zegt dat de stukken van de bank al onderweg zijn?’. ‘Nou’, zeg ik, ‘ik heb hetzelfde besproken met uw medewerkers bij de klantenservice en samen kwamen we op deze termijn uit’. ‘Ja, dat kan wel zo zijn, maar zij gaan niet over die beslissing. Laten we de termijn op een week zetten, want de documenten van de bank waren al onderweg naar u, nietwaar?’ ‘Dat klopt inderdaad’. ‘Dan heb je aan een week genoeg’, vervolgt ze. ‘Prima’, zeg ik, ‘als u dat prettiger vindt’ (toek-toek).

Nadat de ontbrekende stukken zijn binnengekomen voeg ik ze bij de rest en kan Doczilla worden verstuurd. Nu rest mij nog één ding.. Wachten, en hopen dat er niet nog meer monsters uit het duister tevoorschijn komen die een belemmering vormen voor mijn tocht.

Stap 4: de beslissing

En dan blijft het een aantal weken stil. Tot ik op een gegeven moment een voicemail bericht van de gemeente krijg. Het blijkt te gaan om Oppertoekan, zij die gaat over de aanvragen van de uitkering:  ‘Meneer T, we hebben uw uitkeringsaanvraag goedgekeurd. Echter wordt u wel voor één maand 100% gekort vanwege omstandigheden. Mocht u hier verder nog vragen over hebben, dan kunt u contact opnemen met de klantenservice’. Dit bericht klinkt als muziek in mijn oren. En inderdaad, een aantal dagen later staat het geld op mijn rekening. ‘Mooi!’ dacht ik, ‘kan ik weer eten kopen zonder geld te lenen van mijn ouders’.

Stap 5: de nasleep

Omdat ik na een aantal weken na dit bericht de eerste betaling van mijn nieuwe werk heb ontvangen, besluit ik om de uitkering formeel te beëindigen. Eerder had ik al een brief gekregen waarin stond dat ik elke wijziging per post moest worden doorgeven. Dus schrijf ik mijn motivatie op een stuk papier en stuur deze met een enveloppe naar het hoofdkwartier van de Toekans, wetende dat ik op deze manier mijn procedure volgens procedure heb beëindigd.

Toch krijg ik een aantal dagen later bericht van de Toekans. Hierin staat dat aangezien ik momenteel een uitkering heb, ik op bezoek dien te komen voor een intake om samen met iemand mijn zoektocht naar werk door te spreken. Met bijgevoegd een formulier waarop ik wederom moet opschrijven hoeveel sollicitaties ik de afgelopen maand heb verricht, en een verzoek om voor de derde keer mijn cv in te sturen (toek-toek). Overigens staat de afspraak al op een vast moment ingepland en kan deze alleen gewijzigd worden met een zeer goede opgaaf van reden; want bijstanders zijn geen mensen met een leven en zijn derhalve ook nergens anders mee bezig (toek-toek).

Dus besluit ik te praten met een Klantenservicebonobo. ‘Ja dat hebben wij niet binnen, de meeste bijstanders sturen het inderdaad per post door. Echter wordt het bij ons sneller verwerkt als we het digitaal binnen krijgen’. ‘Hoe moet dat dan?’ vraag ik verbaasd. ‘Dat kan per mail of via onze website. Dat staat ook allemaal in de brief die u van ons heeft gekregen hoor’. Dit is een Toekan met pit. Ik graaf in mijn geheugen om te ontdekken of ik iets gemist heb. ‘Ik zal nu even bellen met mijn collega waar u een afspraak mee heeft, een moment geduld alstublieft’. Intussen werp ik met een schuin oog een blik op de vierpagina tellende brief die de gemeente mij heeft opgestuurd. Inderdaad, de website staat erop. Echter gaat de inhoud van de brief volledig op aan het beschrijven van het insturen van een wijziging per post, met een begeleidend document hoe het bijgeleverde antwoordformulier moet worden ingevuld. Bovendien was van een emailadres geen spoor te bekennen. Inmiddels komt de vrouw weer terug aan de telefoon. ‘Mijn collega was even in gesprek, maar ze neemt ergens vandaag contact met u op’. Wat ik verder doe die dag schijnt wederom van geen enkel belang te zijn (toek-toek). ‘Ik heb nog even in de brief gekeken, en wat u zegt klopt niet. Nergens zie ik een melding staan van een website of emailadres waarin staat dat ik op die manier een wijziging door kan geven’. ‘Nee klopt, ik kijk met u mee en het staat er inderdaad niet in. Stuurt u voor de zekerheid toch maar even een mailtje om het proces te bespoedigen’. ‘Naar welk emailadres kan dat dan?’ vraag ik. Ze geeft me het emailadres alvorens het gesprek te beëindigen (toek-toek).

Haar collega, die mij nog dezelfde middag terugbelt, blijkt een Warmwoordbonobo te zijn. ‘Ja, mijn collega belde mij met uw verhaal dat u werk heeft gevonden, en dus niet op gesprek hoeft te komen. Klopt dat?’ ‘Ja inderdaad, ik heb afgelopen week mijn eerste loon uit werk ontvangen en ben nu dus naar verwachting niet meer afhankelijk van een uitkering’, zeg ik tegen haar (hiermee doel ik dus op dat ontvangen loon in combinatie met mijn reeds ontvangen uitkering. Klassieke beginnersfout..). ‘Super!’ Reageert ze. ‘Als u nu weer financieel onafhankelijk bent kunt u dus weer vooruit zonder bijstandsuitkering. Het lijkt mij dan ook niet nodig om volgende week op gesprek te komen. Ik zie het alleen nog niet staan in de registratie.. Kan dat kloppen?’ ‘Weet ik niet, ik heb de formulieren net op de post gedaan’. ‘Haha’, reageert ze, ‘ja dat duurt bij ons altijd nog even’. Ik leg haar uit dat ik ook nog een mail heb gestuurd ter bevestiging van de post. ‘Oké, dan zal dat binnenkort wel in je dossier verschijnen. Mocht dat tegen vrijdag nog niet het geval zijn, dan neem ik nog even contact met je op’. ‘Prima’, zeg ik, ‘geef me gerust een belletje als dat niet zo is’.

Ondanks het feit dat er sprake is van interne miscommunicaties krijg ik zo toch het gevoel dat het allemaal goed is gekomen. Fijn.

Stap 6: de genadeklap

En net als je denkt veilig geland te zijn in het vangnet van de groene verzorgingsstaat gebeurt het ondenkbare.. Ik krijg bericht van de gemeente waarin staat dat het geld dat is overgemaakt onrechtmatig is uitgekeerd, en dat ik het totaal ontvangen bedrag moet terug betalen.

Dus ik knoop een gesprek aan met een jonge en frisse Supportbonobo. Het meisje vraagt naar de situatie en luistert aandachtig. Ik blijf kalm terwijl ik om opheldering vraag: ‘hoe kan het dat mijn aanvraag is goedgekeurd, maar dat ik toch geen uitkering krijg?’ ‘In uw brief staat dat u alleen recht had op een uitkering in de maand september, en dat u 100% gekort wordt op uw uitkering voor één maand’, zegt ze. ‘Hoe kan het dan dat ik toch geld heb ontvangen, genoeg voor bijna twee maanden?’ ‘Nou’, stamelt ze, ‘u hebt inderdaad uw uitkering tijdig stopgezet nadat u werk heeft gevonden (…) maar blijkbaar is die melding blijven hangen en hebben die processen elkaar niet gekruist. Ik begrijp dat het heel vervelend is, maar dat gaat nou eenmaal zo bij ons’. Op deze hoogte is het gevaarlijk om zulk nieuws te krijgen, zo dicht bij de boomtop tijdens de klim. Ik probeer kalm te blijven en mijn gevoel van duizeligheid om te zetten in woorden. ‘Oké, maar kan ik dan met iemand praten om mijn situatie uit te leggen? Bijvoorbeeld de Oppertoekan die mijn aanvraag heeft goedgekeurd?’ ‘Helaas kan ik haar niet bereiken met vragen hierover. Zij gaat namelijk alleen over de aanvraag. Afsluiten, verwerken en toetsen van de uitgekeerde bedragen wordt gedaan door een andere afdeling. En zo te zien is dit dossier is al gesloten’. Pardon? ‘Kunt u iemand van de desbetreffende afdeling bellen om een toelichting te geven?’ ‘Nee, dat besluit wordt in een groep genomen, dus is het voor mij onmogelijk om te zien wie daarover gaat’. ‘Erg handig, ook voor jou’. ‘Ja, nee inderdaad, soms krijg ik wel een lieve collega aan de lijn die het even wil uitleggen, maar dat gebeurt ook niet altijd’. ‘Wat kan ik dan doen om over de besluitvorming te praten? Het is toch niet normaal dat mijn dossier is dichtgegooid terwijl ik daar op geen enkele manier inspraak over heb gehad?’ ‘Nee klopt, het beste wat u kunt doen is via een officiële procedure bezwaar maken tegen deze beslissing’. ‘Ok’, vervolg ik, ‘want met de kennis van nu zie ik inderdaad dat een deel onterecht is uitbetaald. Maar dat wil niet zeggen dat ik het overige bedrag zomaar kan terugbetalen. Laat staan het hele pakket!’ ‘Wij van de support afdeling hopen dan ook dat mensen die een uitkering ontvangen het geld apart houden, zodat als zoiets gebeurt mensen het direct terug kunnen betalen’. ‘Die luxe heb ik niet, want dat geld heb ik grotendeels uitgegeven aan huur en eten’. ‘Ja dat begrijp ik’. ‘Kan ik niet gewoon telefonisch iemand van de bezwaarafdeling bijpraten over mijn situatie?’ ‘Nee sorry, dit is helaas het enige wat ik voor u kan doen. Volg de procedure en dien een bezwaar in’.

Stap 7: voortschrijdend inzicht

Nu pas zie ik wat hier echt aan de hand is. Ik kijk omhoog en zie nesten vol schijtende, kwekkende Toekans die over elkaar heen buitelen tijdens het nemen van onbeholpen kleine stapjes. De bonobo’s in het gezelschap proberen wanhopig om de boel te sussen voor de rest van het woud. Met helaas weinig effect; mijn vraag om hulp gaat volledig op in de geluidsmuur van de bureauvogels.

Plots doemt er uit het schimmige regelwoud een zachtmoedige figuur op.. Het is Mama Orang. Ze slaat haar arm om me heen en zegt: ‘het is goed jongen, ik weet dat dit niet jou schuld is’. Dan grijpt ze naar een tak boven haar en plukt een flinke tros bananen, alvorens deze aan mij te geven. ‘Wel teruggeven hè?’ Zegt ze met een knipoog, ‘die heb ik later nog nodig’. Dankbaar vul ik mijn rugzakje bij. Ik laat de beestenboel achter me en ga in goed vertrouwen verder met mijn eigen weg.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *